Honesty revisited

30 11 2009

Ok, ik ben een beetje actief vandaag. Mijn vierde post van vandaag. Ik wil het nog eens over eerlijkheid hebben. Erg veel autisten die ik in de loop der jaren ontmoet heb op het internet vinden “eerlijkheid” een ultilmate right thing to do.

Ik ben dat toch anders beginnen bekijken. Eerlijkheid moet een doel zijn, maar het mag niet leiden tot frustraties en haat. Herman Van Rumpuy, onze nieuwe president van Europa vertelde enkele jaren geleden in een televisieprogramma dat eerlijkheid maar werkt zolang je er anderen niet mee schaadt, dat volledige eerlijkheid soms contraproductief is en alleen maar leidt tot frustratie en dat je dan beter je mond houdt. Want zoals hij zei, als iedereen altijd “eerlijk” zou zijn, dat zou onleefbaar zijn. Dan zou er altijd oorlog zijn.

Ik heb geleerd dat dat zo is. Wanneer je altijd eerlijk je gedacht zegt, dan schop je figuurlijk tegen veel schenen en wil niemand nog iets met je te maken hebben.

Wat we moeten leren is dat onze “eerlijkheid” vaak in onze “onderbuik” zit, met andere woorden iets dat spontaan in ons opkomt en dat het niet per definitie onze mening is ten alle tijden. Alleen het gedacht op dat moment, zonder er verder veel over na te denken.

Iemand die er wel over nagedacht heeft en er zijn of haar best over heeft gedaan kunnen we dan afkraken met onze eerlijke mening, een mening die niet erg doordacht was en alleen voortkwam uit onze onmiddellijke impulsen. Da’s dan ook niet zo eerlijk. Het is vaak eerlijker om eerst eens goed na te denken voordat we onze mening spuien.

Ik ben er wel helemaal voor om ons eerlijk gedacht te zeggen, maar daar moet dan over nagedacht zijn. Soms gebeurd het wel, je gedacht zeggen tegen mensen die je goed kent. Maar het zijn zeldzame momenten. Op deze momenten heb je over alles nagedacht, er zijn geen impulsen meer, noch een onderbuikgevoel, wat overblijft is een eerlijke conclusie. Da’s iets wat eerder zeldzaam is, maar op dat moment kun je echt “eerlijk” zijn. Van alle andere momenten dat je tracht eerlijk te zijn, dat heeft niet echt met eerlijkheid te maken, dat zijn toevallige impulsen.

Echte eerlijkheid komt van de tijd die je besteed hebt om echt eerlijk te zijn. Om over de dingen na te denken en te proberen van diverse perspectieven te bekijken, niet van een toevallig buikgevoel.





De snelheid van het internet

23 11 2009

Ik weet alles graag, en weet alles graag snel. Maar dat heeft wel een nadeel. Het internet is een medium om het laatste nieuws erg snel te brengen. Leuk, maar het moet nog wel nauwkeurig en juist zijn en het verval lijkt wel erg. Snelheid is belangrijker geworden bij het nieuws, en niet bij de minste. Niet dat dit nieuwsitem mij erg boeit, maar de dood van Koningin Fabiola heeft al twee keer online gestaan door het Belgisch nieuwsagentschap Belga.

Dat stoort mij wel. Nieuws gaat zo snel dat het niet meer accuraat is. Waar ik mij ook aan stoor is de neutraliteit van het nieuws. Als je het Waalse en Vlaamse nieuws vergelijkt, dat zijn twee verschillende werelden en van neutraliteit is er zeker geen sprake meer. Op televisie en in de kranten, het zijn allemaal heel verschillende verhalen.

Ik heb lang gedacht dat de VRT erg neutraal was, maar als je goed kijkt – goed kijkt na jaren – kan je daar ook geen neutraliteit meer terugvinden. Neutraliteit is trouwens niet zo eenvoudig, dat is ook cultuurgebonden en vanaf je dat beseft is neutraliteit iets dat maar na te steven is. Echte neutraliteit kan niet bestaan. Als je het nieuws leest over België in Nederlandse kranten leest, dan is er een vereenvoudiging van de feiten en van neutraliteit niet veel sprake meer.

Nevertheless, het proberen van een zo correct mogelijk beeld of verhaal te geven zou het doel moeten zijn van een journalist. Dat vind ik maar weinig terug. Veel journalisten zijn bloggers geworden, alleen heten hun blogstukken “opiniestukken”, maar da’s dan ook het enige verschil.

Ook de berichtgeving over wetenschappelijke en bij uitbreiding medische artikelen, is er ook sprake van vereenvoudiging en het niet al te correct weergeven van de feiten. Alleen snelheid, toegankelijkheid en over-versimperlisering van artikelen is de norm. Dus vaak ook de artikelen die verschijnen over autisme. Die zijn vaak ook erg simplistisch en deze helpen dus niet om een andere vorm van “zijn” op een genuanceerde manier uit te leggen. Alleen de extreemste autisten komen aan bod, terwijl er 40 miljoen autisten bestaan.





Opgelucht

13 10 2009

Ik ben eigenlijk wel erg opgelucht. De laatste tijd ging het niet zo goed. Ten lange leste vreesde ik dat ik opnieuw zou vervallen in een depressie, iets wat ik echt niet zou willen. Maar blijkbaar gaat het nu weer wat beter. Het was opeens terug weg en de laatste week voel ik mij terug beter.

Ik ben er al langer van overtuigd dat je er niet veel aan kan doen, wanneer je depressief wordt. Ik geloof niet meer dat een mens veel vrije keuze heeft. Het is ook niet onlogisch.

Wanneer je ruggenwervel begint moeilijk te doen, dan kan je daar niet veel aan doen, dan heb je pijn, geen mens kan daar met een positieve attitude iets aan verhelpen. Zo geldt dat ook voor de hersenen. Het is ook maar een “lichaamsdeel” en wanneer die niet echt meer mee willen werken, daar kan je niet veel tegen beginnen.

In onze maatschappij aanvaard men dat een ruggenwervel of gelijk ander lichaamsdeel kan disfunctioneren en dat we daar zelf niets aan kunnen doen, echter wanneer het aankomt op de hersenen, dan is dat toch wel een ander verhaal. Daar geloven mensen vaak dat het disfunctioneren ervan een keuze is, niet genoeg je best doen. Dat geloof ik niet echt meer.

Het gaat nu weer beter, maar het is niet mijn eigen verdienste. Mijn hersenen zijn weer wat positiever ingesteld, ik heb geen idee wie ik daar voor moet danken – waarschijnlijk niemand, het zal alleen maar toeval zijn – maar ik ben er wel blij om. Hopelijk blijft het zo.





Het Egocentrisch Spectrum

17 08 2009

Voor mij is het de laatste tijd toch wel een beetje een revolutie geweest. Ik heb altijd alles ingedeeld in strikte “vakjes” maar sinds ik het woord “spectrum” ken, of beter, het woord echt begrijp, ben ik de dingen toch enigszins anders gaan bekijken. Tegenwoordig bekijk ik bijna elk gegeven vanuit een spectrum en niet meer vanuit strikt afgescheiden compartimentjes. Het is zelfs zo dat ik het woord spectrum zie als een meer-dimensionaal gegeven dan eerder een lijn van zwak naar sterk.

Zo keek ik gisteren naar een avondvullend televisieprogramma met een actrice. Ik ga naam en toenaam niet noemen omdat dat er verder niet toe doet. Wat me toch erg opviel was het erg egocentrische karakter van deze actrice, ze was bezorgd over wat mensen zouden denken over wat ze die avond allemaal te vertellen had en haar drie-uur durend verhaal ging bijna uitsluitend over haarzelf. Ze gaf het op een gegeven moment ook toe, ze was ook mede actrice geworden uit egocentrische redenen, omdat ze graag in de belangstelling staat en haar relatie met een collega acteur was afgesprongen, mede omdat het moeilijk is zei ze, dat twee mensen die zo graag in de belangstelling staan, om samen te leven. Dat was wel zo eerlijk.

Het is een algemeen aanvaard gegeven dat autistische mensen egocentrisch zijn, maar misschien zijn autisten dan wel egocentrisch, maar op hun aparte manier. Ik kan alleen maar voor mezelf spreken, maar het lijkt me dat autisten egocentrisch worden gevonden omdat ze veel in hun eigen leefwereldje bezig zijn, zonder genoeg aandacht te hebben voor de naaste medemens.

Dat wil ik best onderschrijven, want dat is vaak waar. Dus akkoord, autisten hebben binnen het egocentrische spectrum dat nadeel. Maar binnen datzelfde egocentrische spectrum zijn de meeste autisten niet bezig met in het middelpunt van de belangstelling te staan. Ze zijn vaak ook niet bezig met het egocentrische ideaal om zoveel mogelijk geld te verdienen, al was het maar omdat ze de mogelijkheid niet hebben in een maatschappij waarin ze niet passen.

Binnen het egocentrische spectrum past de autist als het aankomt om met de eigen vaak onzinnige dingetjes bezig te zijn, daar heeft niemand last van en ook dat hij of zij wat te weinig “oog” heeft voor de noden van een ander, daar valt zeker wat voor te zeggen, maar er kan bij verteld worden dat het niet om moedwilligheid gaat, maar vaak om blindheid.

Daartegenover staat dat niet-autisten minstens even egocentrisch kunnen zijn, weliswaar op een andere manier, maar er wordt niet ondergedaan ten opzichte van de autistische medemens. We zitten alleen op een andere golflengte wat betreft egocentrisme, zoals trouwens bij vele andere dingen, maar het hoeft zeker niet meer of minder te zijn.

Rest mij wel om een laatste opmerking te maken. Veel personen met autisme hebben een schuldcomplex aangepraat gekregen. Dat zou bij deze bestrijd moeten worden. Ik ben niet van mening dat er geen probleem is, maar binnen het spectrum van het egocentrisme zijn autisten zeker geen koplopers, als er gepraat moet worden over het onderwerp, moet zeker ook het egocentrisme van niet-autisten aan bod komen. Misschien lezen de bankdirecteurs dit niet graag, maar het is wel een feit.

Verder zou ik autisten aanraden die het verwijt krijgen om egocentrisch te zijn, te melden dat ze niet meer egocentrisch zijn dan de gemiddelde mens, alleen anders-egocentrisch in het spectrum, zoals ze ook anders-empathisch zijn binnen het empathische spectrum. Voor alles is er een meer dimensionaal spectrum wat het ene nooit superieur of inferieur stelt aan het andere.

Heel misschien zit er wel een logica in. Mensen die graag heel veel aandacht genieten – dat zullen ook niet alle niet-autisten zijn, zullen misschien extra veel aandacht besteden aan anderen in de hoop die aandacht terug te krijgen, waar autisten veel minder behoefte hebben aan aandacht, of alleen aandacht willen bij momenten, minder oog gaan hebben om aandacht te geven aan anderen, omdat ze niet zoveel behoefte hebben om aandacht terug te krijgen.

Dit alles is natuurlijk een gedachtegang uit mijn eigen ervaringen. Misschien heeft de doorsnee autist wel meer behoefte aan aandacht als ik er krediet voor wil geven. Op dat punt van veel of weinig aandacht willen hebben – en alleen op dat punt – ben ik waarschijnlijk wel een kernautist. Op gebied van geschreven taalvaardigheid ben ik dan weer een vlotte Asperger. Het past allemaal in een meerdimensionaal spectrum.





Rigide Denkpatronen

4 06 2009

Er is een figuurlijke valstrik waar ik nog veel in trap. Dat weet ik namelijk omdat ik daar soms op gewezen wordt en achteraf bekeken heb ik ook het besef dat ik dat doe. Het is wel moeilijk uit te leggen.

Van kinderen met autisme wordt vaak gezegd dat ze de logische verbanden niet kunnen leggen. Dat een stoel in de keuken een stoel is, maar niet begrijpen dat een stoel in de woonkamer die er enigzinds anders uit ziet ook een stoel is. Dan gaat het om voorwerpen en wanneer een kind ouder wordt gaat het dan toch begrijpen. Veel moeilijker blijft het als het om begrippen en situaties gaat, die wazige dingen die je niet aan kan wijzen.

Als er dan iets nieuws is, een nieuwe situatie en dergelijke moet je afgaan op eigen kennis en ervaringen, wat je ooit gezien of gehoord en begrepen hebt enzomeer en aan de hand daarvan de nieuwe situatie proberen in te schatten en te begrijpen. Maar blijkbaar blijf ik daar te rigide in. Ik kan verbanden leggen tussen A en B, maar het is moeilijker dan het lijkt, want A kan je nooit 100% vergelijken met B en behalve vergelijken moet je de vergelijking dus ook bijstellen of misschien zelfs combineren met verschillende.

Random voorbeeldje : Zo kwam ik er bevoorbeeld op dat een huwelijk eigenlijk lijkt op een kleine economie, man en vrouw komen tesamen om een klein bedrijfje te starten (een gezin), gaan dan woonst en spullen vergaren, zorgen voor het nageslacht (de opvolgers) en zorgen voor elkaar wanneer er een ziek wordt (sociale zekerheid). Dan gaat mijn gedachtengang zo ver dat ik de vergelijking 100% doortrek en vergeet dat de vergelijking maar gedeeltelijk opgaat en dat een huwelijk meer is dan alleen maar een kleine economie.

Vergelijkingen die ik vaak maak zijn rigide en ik heb moeite om dan te nuanceren. Vergelijkingen kun je nooit voor 100% toepassen op situatie A, B, C,… en toch doe ik dat vaak. Als iemand dan een probleem heeft zeg ik soms dat ik het volkomen begrijp omdat ik een geschikt vergelijk in mijn hoofd vond, alleen kom ik later dan tot de vaststelling dat ik het eigenlijk helemaal verkeerd begrepen heb omdat ik bijvoorbeeld een eigen vroegere ervaring voor 100% doortrok op de situatie van iemand anders.

Wat kinderen moeilijk kunnen – vergelijkingen maken of verbanden zien – lukt nu natuurlijk wel, maar de verbanden zijn te rigide, ik neem ze eigenlijk letterlijk over zonder ze aan te passen aan de nieuwe situatie die ik wil begrijpen. En soms, wanneer je dan weer eens verkeerde conclusies getrokken blijkt te hebben, ga je weer alles wat je weet in vraag stellen, een overcompensatie.

Het brein is onflexibel.