Dit bericht in De Morgen vind ik wel leuk. Robots gaan emoties kunnen “lezen”. Al ben ik wel wat sceptisch, als het mij zo moeilijk lukt, zie ik niet in dat computers en robots het zo gauw gaan kunnen. Als het alleen maar “meetbaar” zou zijn, zou ik het inmiddels ook wel kunnen. Emoties kunnen “lezen” is erg complex en als ik het niet goed kan, gaat een computer het ook niet kunnen, toch niet tenminste de eerste vijftig jaar.
Maar zo’n robot/computer die slimmer zou zijn als mezelf op menselijk/emotioneel gebied zou wel handig kunnen zijn als het er ooit komt. Misschien kan het in de toekomst dienen als blindegeleide hond voor autisten. Misschien als artificiële empathie, een computertje in mijn oor bevestigd die me vanalles vertelt over wat mensen nu echt bezig houdt, wat ze denken en wat hun emoties zijn.
Ok, deze post is eerder een grapje, maar wat geen grapje is dat ik nieuwsgierig ben. Nieuwsgierig naar wat de technologie over 100 jaar geëvolueerd zou zijn. Daar ben ik wel in geïnteresseerd. Misschien kijk ik ook teveel science fiction. Nevertheless, 100 jaar geleden zouden GSM’s, computers en zomeer ook science fiction gevonden worden. Ik had graag wat later geboren geweest zijn, maar langs de andere kant, ik mag niet klagen. Alle uitvindingen van belang zijn net voor of na mijn geboorte gemaakt. En misschien is fantaseren over wat nog komen gaat ook wel leuk op zich. Als alles al uitgevonden zou zijn, da’s ook weer niet zo leuk.