Anders

29 09 2009

Ik kan het niet anders zeggen, ik ben anders als de meeste mensen en uit ervaring en gesprekken met autisten weet ik ook dat ik anders ben als de meeste andere autisten.

Zo’n vijf jaar geleden ben ik ernstig ziek geworden waardoor ik bijna alle sociale contacten verloor. Dat ik geen sociale contacten meer had vond ik niet erg, maar ik dacht dat dat zich toch ooit eens moest wreken. Veel alleen willen zijn, in mijn eigen wereldje, dat wilde ik altijd, maar teveel alleen, dat moest zich toch wreken op den duur ?

Dat dacht ik. Dat ik van altijd maar alleen te zijn, dat ik dat ook op den duur moe zou worden. Maar na vijf jaar moet ik de vaststelling maken dat ik het nog altijd fijn vind. Meer nog, ik voel me er nog beter en beter bij.

Af en toe een monoloog in deze blog, maar alle andere “in real life” en alle andere internet contacten zijn nu tot een absoluut minimum beperkt. Ik heb me eigenlijk nog nooit zo goed gevoeld. Het is “mijn tijd”, “mijn tijd van mijn leven”.

Ik voel me alleen een beetje schuldig dat ik mogelijk mensen in de steek laat, mensen die het goed met mij menen, maar ik heb moeite om nog iets van mij te laten horen. Ik ben alleen en nog nooit zo gelukkig geweest. Zo is dat. Maar naargelang ik minder en minder communiceer valt het me erg zwaar om het dan af en toe wel te doen.

Ik weet het, veel mensen kunnen dat niet begrijpen omdat sociaal contact heel belangrijk is in hun leven, maar ik heb een tijdje geleden de minieme contacten die ik nog had op het internet, voor een groot deel doorgeknipt. Ik dacht dat ik er misschien spijt van zou krijgen, maar het is niet zo, ik voel me gelukkig. Hoe minder mensen die ik tref, hoe gelukkiger ik ben.

Ik broed al een tijdje op een schrijfsel over hoe ik mensen zie, dat is zeker niet negatief, ik ben geen mensenhater, zeker niet. Dat stukje komt er nog aan, al weet ik niet wanneer.

Wat me wel moeilijk valt is dus nog om te communiceren. De “gaten in de tijd” dat ik totaal niet communicatief ben worden groter, de momenten dat ik niets meer kan zeggen, zelfs geen klein antwoordje op een ingekomen email, worden groter. Gewoon een regeltje terugschrijven worden moeilijker en kost tijd en ook stress. Dan moet ik profiteren van momenten als nu, als het even gaat, andere dagen zijn grote oceanen van stilte waar ik eigenlijk niet in staat meer ben om nog iets te zeggen. Maar dan voel ik me zeker niet ongelukkig. Misschien ben ik wel geboren om niets te zeggen, of alleen heel af en toe, wanneer het er echt toe doet.





Jubileum

21 09 2009

Jubileum, wat een raar woord is dat toch, het doet met denken aan mensen die 50 jaar getrouwd zijn, iets wat ik nooit zal meemaken.

Maar toch, een jubileum maand. Het is precies tien jaar geleden dat ik aangesloten werd op het internet. Tien jaar geleden was dat nog iets speciaals, nu niet meer. Het internet is toch iets geworden van iedereen en van alle dag. Ik vind het nog steeds een geweldige uitvinding.

Een ander “jubileum” is dat ik ongeveer 10 jaar geleden voor het eerst mijn psycholoog bezocht. Ik ben vandaag opnieuw op consultatie geweest en heb hem het boekje waar ik voorheen over sprak cadeau gedaan. Hij was er blij mee.

We hebben het over vanalles en nog wat gehad, ook over de periode precies één jaar voor mijn diagnose, toen wij op 11 september 2001 tesamen naar een Gentse autisme deskundige waren gereisd om over mij te praten. Mijn psycholoog had er geen idee van dat die afspraak gebeurde op “nine-eleven” van 15 tot 16 uur, toen het in New York van 9 uur tot 10 uur was, toen het allemaal gebeurde. Wij zaten op dat moment bij een Gentse autisme deskundige. Mijn psycholoog wist niet dat DAT het moment was, maar daarvoor heb je wellicht een autist nodig omdat allemaal precies in kaart te brengen achteraf.





Beperkingen

8 09 2009

Als je de mensen je hele leven onder een figuurlijk vergrootglas houdt, dan wordt er alvast één ding duidelijk. De algemeen aangenomen stelling dat mensen met een handicap, of soms letterlijk gezegd, met een beperking, meer beperkt zouden zijn dan mensen zonder beperking vind ik maar ten dele waar.

Het is me over de jaren duidelijk geworden dat alle mensen een hele boel beperkingen met zich meedragen. Het verschil zit hem hier in. Een beperking die de grote massa heeft wordt niet als een handicap ervaren, een beperking die een kleinere minderheid van de mensen heeft wordt wel als een handicap ervaren.

De wereld is nu eenmaal gemaakt naar het beeld van de meerderheid. Zo wordt bijvoorbeeld afgunst als iets negatief ervaren, maar mensen die het erg veel vertonen worden niet als gehandicapt bestempeld. Pas als een heel klein aantal mensen afgunstig zouden zijn, zou het beschouwd worden als een afwijking. Nu wordt het tot op zekere hoogte als negatief bestempeld, maar begrijpelijk gevonden omdat zoveel mensen hebben of zijn.

Als maar genoeg mensen het hebben, of als maar genoeg mensen het begrijpen en zich er in zekere mate zouden kunnen inleven, dan is het niet abnormaal meer. Misschien, als er een manier zou zijn om mensen zich in te laten leven wat autisme is, zou het ook geen handicap meer zijn. Alleen is er niemand die dat echt kan overbrengen en wanneer dat toch zou zijn, misschien zou het veel mensen ook niet interesseren, want apathie is iets dat veel mensen delen en is dus normaal, alleen is het niet normaal om er eerlijk over te zijn.

Het vergt ook veel fantasie, misschien kunnen de meeste mensen zich toch wel min of meer voorstellen dat niemand zou kunnen lopen en dat iedereen zich zou verplaatsen in een rolstoel. Bij autisme en een aantal andere “beperkingen” is dat minder evident voor mensen om dat proberen voor te stellen. Je kan een aantal dingen simuleren, maar ik zie dat nog niet snel gebeuren.